Thematische volklening: een middel om spaargelden te bestemmen voor socio-economische en maatschappelijk verantwoorde projecten

Aantrekken van financieringsmiddelen – Termijndeposito – Kasbon – Openbare uitgifte – Kredietinstelling – Verzekeringsonderneming – socio-economische en maatschappelijke projecten

De wet van 26 december 2013 regelt de aantrekking van financieringsmiddelen door kredietinstellingen en verzekeringsondernemingen van particuliere beleggers, die geen gekwalificeerd belegger zijn in de zin van artikel 10 van de wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling op de gereglementeerde markt (BS 21 juni 2006), via de aanbieding van thematische volksleningen op het Belgisch grondgebied.

Opzet

De bedoeling van de wetgever is om via de invoering van deze wet het lange-termijnsparen aan te moedigen en om, via de mobilisatie van het spaargeld, kredietverlening op lange termijn aan socio-economische en maatschappelijk verantwoorde projecten te vergemakkelijken.

Toepassingsgebied

Een thematische volkslening is de activiteit waarbij hetzij een kredietinstelling door de uitgifte van kasbonnen of de opening van termijndeposito’s, hetzij een verzekeringsonderneming door het aanbieden van verzekeringsovereenkomsten, financieringsmiddelen aantrekt volgens de voorwaarden en modaliteiten bepaald in deze wet en daarmee een project met een sociaal-economisch of maatschappelijk verantwoord doel financiert. De Koning stelt de lijst met projecten vast die beantwoorden aan dit doel.

Aantrekken van financieringsmiddelen door kredietinstellingen en verzekeringsondernemingen

De wet bepaalt de kenmerken van de uitgegeven kasbonnen en de geopende termijndeposito’s en van de bedoelde verzekeringsovereenkomsten die kunnen worden aangewend met het oog op de financiering van geschikte projecten.

De voornaamste kenmerken van de uitgegeven kasbonnen en de geopende termijndeposito’s zijn de volgende:
1/ een looptijd van ten minste 5 jaar en, behalve bij overlijden, niet terugbetaalbaar vóór het verstrijken van deze termijn;
2/ gedekt tot 100.000 euro per persoon per bank door een depositogarantiestelsel dat onder Richtlijn 94/19/EG inzake depositogarantiestelsels valt;
3/ de minimale inleg per kasbon en per termijndeposito bedraagt hoogstens 200 euro teneinde deze toegankelijk te maken voor een ruim publiek;
4/ voldoende toegankelijk voor particuliere beleggers; en
5/ de intrestvoet is marktconform en de Koning kan de berekeningswijze bepalen van de minimale bruto intrestvoet die voor elke betrokken kredietinstelling geldt voor kasbonnen en termijndeposito’s uitgegeven of geopend met toepassing van deze wet.

De verzekeringsovereenkomsten die verzekeringsondernemingen aanbieden met het oog op de financiering van geschikte projecten, hebben gelijkaardige kenmerken:
1/ een looptijd van minstens 10 jaar;
2/ ze worden gesloten tegen betaling van een eenmalige premie;
3/ in afwijking van artikel 144, eerste lid, van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst, kan de verzekeringnemer jaarlijks maximum 5 % van de theoretische waarde afkopen;
4/ het gewaarborgd rendement is marktconform en niet lager dan het gewaarborgd rendement dat toegekend wordt voor gelijkaardige verzekeringsovereenkomsten met eenzelfde looptijd aangeboden door de betrokken verzekeringsonderneming;
5/ ze zijn gedekt door het Bijzonder Beschermingsfonds voor deposito’s, levensverzekeringen en kapitaal van erkende coöperatieve vennootschappen als bedoeld in het KB van 14 november 2008 (BS 17 november 2008) of door een gelijkwaardig waarborgsysteem ingericht door een andere lidstaat van de EER;
6/ de minimale commerciële premie per verzekeringsovereenkomst bedraagt hoogstens 200 euro;
7/ voldoende toegankelijk voor particuliere beleggers.

Interbankenleningen

De met de uitgifte van kasbons of de opening van termijndeposito’s die voldoen aan de voorwaarden van de wet aangetrokken financieringsmiddelen mogen gebruikt worden voor interbankenleningen aangegaan voor de financiering van geschikte projecten. De kredietinstelling die een interbankenlening aangaat mag die verworven financieringsmiddelen niet aanwenden om zelf financieringsmiddelen te verstrekken.

Aanwending van financieringsmiddelen

De aangetrokken financieringsmiddelen moeten binnen het jaar ten beloop van 90 % worden aangewend voor projecten die een sociaaleconomisch of maatschappelijk verantwoord doel nastreven. In afwachting van de aanwending van de financieringsmiddelen moeten deze belegd worden in voldoende liquide en weinig risicovolle activa die een marktconforme vergoeding genieten.

Administratieve formaliteiten

De financieringsmiddelen die door de kredietinstellingen worden aangetrokken, en indien toepasselijk de inkomsten uit hun aanwending en de aangegane interbankenleningen, moeten worden geboekt op aparte specifiek daartoe voorziene rekeningen op een wijze die toelaat om deze financieringsmiddelen en de aanwending ervan te identificeren.

De financiering die wordt verstrekt met de financieringsmiddelen die door de verzekeringsondernemingen worden aangetrokken, vormt een afzonderlijk fonds.

In de reclame en alle andere, al dan niet contractuele, documenten en berichten met betrekking tot de kasbonnen, termijndeposito’s of verzekeringsovereenkomst wordt uitdrukkelijk vermeld dat deze worden uitgegeven, geopend of aangeboden met toepassing van de wet van 26 december 2013 betreffende de thematische volkslening en dat de bepalingen van deze wet hierop van toepassing zijn.

De kredietinstellingen en verzekeringsondernemingen moeten periodiek een gedetailleerde staat voorleggen aan de Nationale Bank van België (“NBB”) en de FSMA.

Fiscale bepalingen

Om het gebruik van de thematische volkslening te bevorderen bevat de wet een aantal fiscale maatregelen. Zo is bepaald dat de roerende voorheffing voor de interesten van kasbonnen en termijndeposito’s uitgegeven en geopend met toepassing van deze wet 15 % bedraagt. Voor de bedoelde verzekeringsovereenkomsten wordt de jaarlijkse taks op verzekeringsverrichtingen verminderd tot 1,10 %. Indien het bewijs niet kan worden aangeleverd dat de door de kredietinstelling of verzekeringsondernemingen aangetrokken financieringsmiddelen gebruikt worden overeenkomstig de bepalingen van de wet zijn deze ondernemingen gehouden tot een betaling als belastingsschuld volgens de bepalingen van de wet.

Toezicht

De NBB en de FSMA worden, elk in het verlengde van de bestaande bevoegdheden, aangewezen als toezichthouder om te verzekeren dat de bepalingen van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten worden nageleefd. De kosten van het toezicht van de NBB worden gedragen door de kredietinstellingen en de verzekeringsondernemingen conform the modaliteiten van het koninklijk besluit van 17 juli 2012.

De wet voorziet ook een aantal strafrechtelijke bepalingen die niet-naleving van een aantal bepalingen bestraffen.

Wetgevingsfiche

Titel document: Wet van 26 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake de thematische volksleningen

Publicatie: BS 31 december 2013

Inwerkingtreding: 1 januari 2014

Parlementaire voorbereiding: Kamerdocumenten

Régine Feltkamp / Elisabeth Wellekens